1 oktober 2009
Nerderland Leest
klik op Nederland leest
trailer "Oeroeg"
Het boek “Oeroeg” schreef Hella Haasse in 1948 als boekenweekgeschenk.
De film werd geselecteerd voor het internationale festival voor historische films in Parijs. De film ging in november 1993 in België en Indonesië in première.
145.001 bezoekers (tot en met week 13-1994), nummer 32 over 1993.
Door Hans Hylkema geregisseerde film hebben verscheidene in Nederland bekende acteurs een rol, van wie Jeroen Krabbé (vader van Johan) waarschijnlijk het meest bekend is bij het grote publiek. Rik Launspach (Johan ten Berge ) won echter tijdens de Nederlandse Filmdagen een prestigieuze prijs, het Gouden Kalf voor de beste acteur. Andere bekende namen zijn Martin Schwab (speelde o.a. in Baantjer), José Ruiter en Peter Faber.
Verhaal
Het boek “Oeroeg” dient als uitgangspunt om een vriendschap tussen de Nederlandse planterszoon Johan ten Berghe en de Indische jongen Oeroeg te verbinden met de politionele acties in voormalig Nederlands-Indië. De film begint waar het boek eindigde. Johan wordt in 1947 als luitenant uitgezonden naar Indonesië tijdens de Politionele Acties. Het land uit zijn herinnering is veranderd: zijn vader werd vermoord, de oud-kolonisten zijn verbitterd en de vrijheidsstrijd woedt in alle hevigheid. Johan gaat op zoek naar zijn jeugdvriend Oeroeg en stelt hem, wanneer zij oog in oog staan, de onontkoombare vraag: “kunnen wij nog vrienden zijn?”. Oeroegs antwoord is een schrijnende weergave van de ongelijke verhoudingen: 'niet zolang één Nederlander gelijk staat aan twaalf Indonesiërs'. De film eindigt met de tekst: “Het kostte ruim vijftienduizend mensenlevens, voordat Nederland op 27 december 1949 om half vier 's middags de zelfstandigheid van haar voormalige kolonie Indonesië erkende”.
De opnames vonden plaats op lokatie in Indonesië met een Indonesische co-producent en er is veel zorg besteed aan historische tijdsbeeld en aan de grootschalige militaire acties. Na een screening van het script op drie ministeries hebben zij alle medewerking gekregen in Indonesië omdat in deze film hun eigen strijd om onafhankelijkheid gerechtvaardigd werd.
Discussie
De discussie over de verfilming vindt niet alleen plaats in de filmkritiek, ook in de literaire kritiek is de novelle weer onder de loupe genomen. En met betrekking tot de historische correctheid is de discussie ook losgebroken in andere kampen. Bijvoorbeeld in het tijdschrift Moesson (van en voor Indische Nederlanders) waarin zeer verdeeld op de vertoonde inhoud werd gereageerd. Veel besproken is de scene waar blank en bruin gescheiden in de bioskoop naar een Tarzanfilm zitten te kijken, de blanken voor het doek en de inlanders er achter waardoor zij alles in spiegelbeeld zien. Deze scene is een beslissend moment voor het scheiden der wegen van beide vrienden.
Ook van de zijde van de oudstrijders is heftig gereageerd op de in hun ogen eenzijdige, maar filmisch spectaculaire uitbeelding van de oorlogshandelingen in de film zoals het verhoor met marteling, het afbranden en uitmoorden van een kampong. Alle boosaardigheid is eenzijdig geconcentreerd in de rol van de brute sergeant, gespeeld door Peter Faber.. Hierover heerste lang in Nederland een taboesfeer, die door deze film enigszins is doorbroken.
Hella Haasse beschouwt zelf in haar antwoord op de kritiek van Kousbroek de film en novelle als "twee op zich zelf staande in verschillende `media' tot stand gekomen verbeeldingen, verbonden door een thema waarvan de essentie gehandhaafd is gebleven: de bewustwording van een Nederlander ten aanzien van zijn jeugd op Java en zijn relatie tot Indonesië."
In de bijna 50 jaar die verstreken zijn tussen de publicatie van novelle en verfilming, heeft zich een mentaliteitsverandering in Nederland voltrokken met betrekking tot ons koloniale verleden en bovendien heeft de film zich stormachtig ontwikkeld. Beide factoren, die van invloed op deze transformatie van boek naar film zijn, worden in de inleiding op de film besproken.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten